14 / 15

Wouter Verbeke - Over de gecodeerde beeldtaal van Yves Velter

Het atelier van een kunstenaar is een bijzonder universum waar schepping geschiedt. Het is een soort van heiligdom waar bepaalde rituelen plaatsvinden en waar niet iedereen zomaar over de drempel kan stappen; een mystieke, bijzonder fascinerende plek. Ik had het geluk een bezoekje te mogen brengen aan het atelier van Yves Velter en mocht er zowaar een retrospectieve van zijn werk aanschouwen.

Yves Velter heeft een unieke, herkenbare stijl, die zijn oorsprong heeft in wetenschappelijk tekenen. In het prille begin van zijn carrière als kunstenaar ontwikkelde hij een functionele beeldtaal. Zijn werken ontstonden uit een onderzoek naar het beeldfundament, vorm, kleur en harmonie. Al snel dook er figuratie op in zijn werken, maar zijn schriftuur bleef zo goed als ongewijzigd: monochrome kleurvlakken, strakke omlijningen in inkt, picturale en geabstraheerde figuratie. De personen die in zijn werken opduiken hebben geen gezicht en het lichaam zelf is gestileerd, quasi herleid tot een ingevuld silhouet. Op die manier creëert hij een soort van universaliteit en kan iedere kijker zichzelf herkennen in de werken. Hetzelfde geldt voor zijn sculpturen en installaties.

Beschouwelijke kwesties en enigma’s vormen zijn thematiek. “Ik was altijd al geïnteresseerd in ‘het verhaal’ van de mensen, vooral in de verhalen die ik niet kon vatten; de niet op te lossen vraagstukken”, vertelt de kunstenaar me. Velter streeft ernaar om complexe, vaak introspectieve vraagstukken op een zo eenvoudig mogelijke manier weer te geven, zonder antwoorden of oplossingen te willen opdringen. En daar slaagt hij bijster goed in.

Vele kunstenaars zullen kunst definiëren als een manier om te communiceren, een manier om zich uit te drukken. Voor Yves Velter is dat niet anders, maar het is ook meer. Zijn werken zijn niet enkel een communicatiemiddel, ze thematiseren ook het vermogen of onvermogen tot communicatie van de mens. Niet toevallig zijn de ‘stille’ figuren die hij schildert altijd ontdaan van hun aangezicht.

In de loop der jaren ontwikkelde de kunstenaar een beeldend alfabet dat bestaat uit een 15-tal symbolen of codes. Het zijn cryptische beeldelementen met een vaste betekenis, net zoals de letters van ons alfabet staan voor een bepaalde klank, of hiërogliefen een bepaald concept uitdrukken. Enkele concrete voorbeelden: hier en daar worden lichaamsdelen, of zelfs hele figuren, vervangen door gaatjeskarton, afkomstig van een oude kast die bij de kunstenaar thuis stond. “Als de kast een levende entiteit was geweest, zou hij mij waarschijnlijk goed gekend hebben”, vertelt Velter. Honderden verhalen zouden door de gaatjes in de achterkant naar binnen gesijpeld zijn. Het geperforeerd karton verwijst in zijn werk steeds naar een ‘stille getuige’.

Sleutels verwijzen dan weer naar de mogelijkheid om oplossingen te vinden. De sleutels die Velter in hun fysieke vorm integreert in zijn schilderijen pasten ooit op de kamerdeuren van een hotel. Mij brengen ze terug naar een fictieve plaats waar zich achter elke kamerdeur een verhaal afspeelt. Het mysterieuze zit hem in de suggestie naar het verhaal dat achter zijn beelden kan verscholen liggen; een verhaal dat we nooit volledig zullen achterhalen. Velters beelden tarten steeds opnieuw mijn onverzadigbare curiositeit.

Misschien wel het boeiendste symbool in zijn werk zijn de flarden van brieven, geschreven door de hand van zijn tante. De vrouw had een zekere vorm van autisme en schreef vaak brieven, gericht aan prominente personen, die ze vervolgens gewoon bijhield. Wat opmerkelijk is, is dat de brieven onleesbaar zijn: de afzonderlijke woorden zijn netjes neergepend en verstaanbaar, maar de combinatie ervan in zinnen daarentegen niet. Het gaat hier niet om wartaal, maar om een soort codetaal die niet ontcijferbaar is. De stukjes uit deze brieven die de kunstenaar gebruikt, fungeren niet enkel als een symbool dat duidt op ontoegankelijkheid, maar verwijzen ook op directe wijze naar de essentie van zijn werk.: net als de brieven van zijn tante, zijn Velters schilderijen als geschriften uit codetaal, zij het minder hermetisch. Wie ze weet te ontrafelen, ontdekt een boeiende boodschap.

Wat mij vooral intrigeert is dat Velters werken niet zomaar afbeeldingen zijn van die symbolen, maar haast werken als een talig systeem. Verschillende codes en symbolen worden in hetzelfde werk gecombineerd zoals zinsdelen in een zin. Ze genereren nieuwe betekenissen en versterken elkaar. De kijker wordt uitgenodigd om die authentieke taal tot zich te nemen, het lexicon en de grammatica ervan onder de knie te krijgen en, indien gewenst, deel te nemen aan een ‘gesprek’ met het werk.

 

The Artcouch 
april 2017
http://www.theartcouch.be/top-4/de-gecodeerde-beeldtaal-van-yves-velter/